Jezus’ doop volgens het Oude Testament

Artikel van Experience Jesus over Jezus' doop en de link met Grote Verzoendag

Vanmorgen werd er tijdens de kerkdienst het Heilig Avondmaal gevierd. Tijdens deze dienst werd er gepreekt over Mattheüs 3,1-6 en 3,13-17. In dit Bijbelgedeelte gaat het over de bediening van Johannes de Doper en de doop van Jezus. In de preek kwam aan bod dat het voor Johannes de Doper net zo vreemd moet zijn geweest dat Jezus zich wilde laten dopen, als dat Jezus die dienst aan zou willen gaan aan het Avondmaal. Dit vond ik wel een fascinerende vergelijking, behalve dat er voor Jezus een goede was om zich te laten dopen. Sterker nog, ik geloof dat Jezus’ werk op aarde niet compleet was zonder Zijn doop, Hij zegt niet voor niets dat het goed is om het te laten gebeuren om “Gods gerechtigheid te vervullen”.

Grote Verzoendag

Het belang van Jezus’ doop heb ik jaren niet begrepen, totdat ik met kerst 2015 mij verveelde en mij ging verdiepen in de joodse feesten (zie hiervoor Leviticus 23). Het viel mij op dat tien dagen voor de Grote Verzoendag, het feest van de Trompetten plaatsvond (Leviticus 23,23-25 en Numeri 29,1-6. Tijdens dit feest werd er in de woestijn op ramshoorns geblazen, opdat het volk zich zou bezinnen op zijn zonden en klaar zou zijn voor de Grote Verzoendag. Doet dit niet sterk denken aan het werk van Johannes de Doper (Mattheüs 3,1-3)? Dit maakte het voor mij extra interessant om mij nog eens te verdiepen in wat er precies plaatsvindt tijdens Grote Verzoendag (Leviticus 16). In het kort komt het erop neer dat tijdens Grote Verzoendag de Hogepriester zijn normale hogepriesterlijke kleding uitdoet en een heilig linnen tuniek aantrekt. Verder worden er twee bokken geselecteerd waarvan er één wordt gekozen om de woestijn in te worden gestuurd en de ander wordt geofferd en het bloed wordt gebruikt om voor God in het allerheiligste deel van de Tabernakel te sprenkelen ter verzoening voor de zonden van het Gods volk. Maar wat heeft dit te maken met Jezus en Zijn doop?

Jezus’ bediening

De eerste overeenkomst tussen Jezus’ bediening en Grote Verzoendag is het offeren van de tweede bok, omdat dit sterk doet denken aan Jezus’ offer aan het kruis. Dit is niet het enige, want het is niet voor niets dat de Hogepriester zijn prachtige hogepriesterlijke kleding uitdoet. Dit straalt iets van nederigheid uit. In Filippenzen 2 verhaalt Paulus over Jezus Die zijn goddelijke heerlijkheid achterliet om als mens op aarde zich te offeren. Daarnaast valt het op dat in Hebreeën 13,11-12 er naar de Grote Verzoendag wordt verwezen aangaande Jezus’ offer en lijden buiten de stadspoort, zoals de bok die voor de verzoening geslacht werd buiten het kamp van de Israëlieten werd verbrand. Het zou je op kunnen vallen bij het lezen van Leviticus 16 dat de Hogepriester voor dit verbranden zijn hogepriesterlijke kleding alweer aan mag doen. Maar dit is mogelijk minder vreemd wanneer men in gedachten houdt dat Jezus over Zijn dood als verhoging en tijd van glorie spreekt (Johannes 12,30-34; 13,31 en 17,1). Jezus is voor dit offer op aarde gekomen en doet dat zonder te verbergen wie Hij is en hoe glorieus Hij is (Marcus 14,61-62). Dat Grote Verzoendag met Jezus’ vernedering om als mens naar de aarde te komen en met Zijn offer aan het kruis te maken heeft, is best te begrijpen, maar hoe zit het met Zijn doop?!

Jezus’ doop voor ons

Jezus’ doop is een erg merkwaardig moment, want wij kunnen allemaal voorstellen dat Johannes de Doper zich door Jezus zou willen laten dopen. Toch is Jezus er stellig in dat Zijn doop nodig is. Hoezo? Daarvoor moeten wij nog eens kijken naar het werk van Johannes de Doper. De mensen lieten zich door hem dopen terwijl zij hun zonden beleden (Mattheüs 3,6). Dit is te vergelijken met wat er op Grote Verzoendag met de eerste bok gebeurt. De Hogepriester legde zijn handen op het hoofd van de bok en belijdt de zonden van het volk. Op deze manier werden de zonden van het volk op de bok gelegd (Leviticus 16,20-22). Jezus ging niet het water van de Jordaan in om te worden schoongewassen van Zijn zonden, maar om, net als de bok, de zonden van het volk op zicht te nemen. Bedenk hierbij ook dat Jezus (net als de bok) de woestijn in wordt geleidt. Jezus neemt niet alleen de zonden van ieder die zich laat dopen op zich om de schuld weg te nemen, maar ook om met de verleiding van die zonden af te rekenen in de woestijn wanneer Hij beproeft wordt door de duivel (Matteüs 4,1-11 en kijk ook naar Hebreeën 2,18 en 4,14-16. Wij mogen Jezus dus dankbaar zijn voor Zijn offer voor ons aan het kruis, maar dit offer had geen zin gehad zonder dat Jezus onze zonden op zich nam in Zijn doop en afrekende met de verleiding van deze zonde in de woestijn.

Heb je vragen of opmerkingen naar aanleiding van dit artikel, stuur ons je bericht via het contact formulier

%d bloggers liken dit: